Ziekteverschijnselen H3N1 nauwelijks zichtbaar in jonge dieren

Ziekteverschijnselen H3N1 nauwelijks zichtbaar in jonge dieren

In opdracht van de adviescommissie pluimveegezondheidszorg van AVINED en LNV heeft de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) een vervolgonderzoek uitgevoerd naar de laag pathogene H3N1 stam en de ziekteverschijnselen in jonge dieren van vijf weken oud. Tussentijdse conclusie: H3N1 veroorzaakt ook ziekteverschijnselen in jonge dieren, maar deze zijn slechts beperkt zichtbaar. Hierdoor kunnen de verschijnselen in de praktijk gemakkelijk worden gemist.

Een aantal weken geleden voerde GD al een onderzoek uit naar de ziekteverschijnselen van H3N1 in legkippen van 35 weken. Hieruit bleek dat het virus geen andere ziektekiemen nodig heeft om bij deze dieren grote schade te veroorzaken. Het ziektebeeld, de sectiebeelden en de productiedaling bij deze leggende hennen komen overeen met het beeld dat in de praktijk gezien wordt.
Tussentijdse resultaten van het vervolgonderzoek bij dieren van 5 weken oud laten zien dat besmette jonge dieren zeer beperkt ziekteverschijnselen vertonen. Denk hierbij aan een minder attente en koortsige indruk. De verschijnselen zijn zo mild dat ze in de praktijk eenvoudig over het hoofd kunnen worden gezien. Ziekteverschijnselen bij jonge dieren zijn daarom alleen waarneembaar tijdens een zorgvuldige gezondheidsbeoordeling. Sterfte door het virus kan zeer beperkt zijn bij jonge dieren. Het onderzoek in deze dieren wordt spoedig afgerond. Een tussentijdsverslag van het onderzoek kunt u hier vinden.

Wat kunt u doen?

Om het risico op insleep naar Nederland te verkleinen, adviseert AVINED het volgende:

  1. Wees alert op verschijnselen
    Wees alert op ziekteverschijnselen, zodat besmetting in een zo vroeg mogelijk stadium wordt ontdekt. Neem bij twijfel contact op met uw dierenarts. En maak, in overleg met uw dierenarts, gebruik van de mogelijkheid om Early Warning swabs in te sturen. Zeker bij jonge dieren is het belangrijk om bij aspecifieke (beperkte) toename in sterfte of kliniek vogelgriep H3N1 uit te sluiten. Bij uitval van meer dan 0,5% gedurende twee dagen, of meer dan 3% per week per koppel geldt een meldingsplicht bij de NVWA (045 – 546 3188).
  2. Bemonster pluimveekoppels afkomstig uit België 
    GD heeft op verzoek van de sector een draaiboek Aviaire Influenza H3N1 opgesteld. Hierin adviseert GD o.a. om bij koppels die afkomstig zijn uit België vooraf aan te laten tonen dat het koppel geen virus bij zich draagt. In het draaiboek staan de wijze van monsternames en laboratoriumonderzoeken beschreven. Het sector draaiboek kunt u hier vinden.
  3. Volg de hygiëneprotocollen 
    Om besmetting en mogelijke verspreiding te voorkomen, adviseren wij u nogmaals de hygiëneprotocollen te volgen die zijn opgesteld voor de situatie in België. Denk hierbij aan vervoer van divers pluimvee en (broed)eieren uit België, voor bezoekers van pluimveebedrijven, transportmiddelen diervoeders uit België, strooisel uit België en pluimveeservicebedrijven die hebben gewerkt in België. De protocollen kunt u onderaan deze webpagina vinden.

Zo doen we samen onze uiterste best om H3N1 buiten onze landgrenzen te houden.

Verplicht ruimen in België

Op donderdag 11 juli is het Koninklijk Besluit (KB) in België gepubliceerd. Hierin wordt beschreven dat besmette bedrijven binnen een bepaalde periode geruimd moeten worden. Het KB maakt onderscheid tussen bedrijven waarbij de besmetting is vastgesteld voor publicatie en voor bedrijven na publicatie van het KB. Lees hier het complete artikel met uitleg over de vergoedings- en ruimingsregeling in België.

Tot slot AVINED is met LNV in gesprek over het gewenste beleid mocht een H3N1-geval zich onverhoopt in Nederland voordoen.

Bron: AviNed